Cellulose isolatie inblazen: zo gaat het
5 minuten lezen
Cellulose isolatie inblazen is een droog proces: een machine maalt de vezels los en blaast ze met lucht door een slang in een gesloten ruimte, tot die helemaal gevuld is. Bij een plafond is die ruimte de holte tussen het bestaande plafond en een nieuw regelwerk met dampremmende folie. Het klinkt eenvoudig, en voor de machinist is het dat ook, maar de kwaliteit zit in details: de juiste dichtheid, volledig gevulde hoeken en een controle voordat alles wordt dichtgemaakt. Hieronder leest u stap voor stap hoe het gaat, wat u ervan merkt en hoe lang het duurt.
Waarom inblazen en niet leggen
Cellulose is een los materiaal. Het wordt niet in dekens of platen geleverd maar in zakken met samengeperste vezels. Door het in te blazen in een afgesloten ruimte vult het elke hoek, elke ruimte rond een leiding en elke spleet naast een balk. Een plaat of deken moet worden gezaagd en gepast, en laat bij elk obstakel een kier. Een ingeblazen vulling heeft die naden niet. Voor een bestaand plafond, waar nooit iets recht en loodrecht is, is dat het belangrijkste voordeel van het materiaal.
De voorbereiding: eerst de ruimte maken
Voordat er ook maar een vezel naar binnen gaat, wordt de ruimte klaargemaakt.
- Afdekken. Vloer, meubels en wanden in de kamer worden afgedekt. Meubels moeten daarvoor meestal uit de kamer of in het midden onder een zeil. Wat u zelf voorbereidt, staat in plafond isoleren: wat komt erbij kijken.
- Regelwerk. Onder het bestaande plafond komt nieuw regelwerk. Dat bepaalt de dikte van de isolatielaag. Voor 16 cm isolatie is het regelwerk ook ongeveer zo diep.
- Dampremmende folie. Aan de onderkant van het regelwerk gaat de folie, met afgeplakte naden en afgeplakte aansluitingen op wanden en leidingen. Die laag houdt vocht uit de woning buiten de isolatie. Waar de slang erdoor gaat blijven kleine openingen, die na het inblazen weer worden dichtgeplakt.
Het resultaat is een gesloten compartiment: bovenin het bestaande plafond, onderin de folie, aan de zijkanten regelwerk en wanden. Alleen in zo'n gesloten ruimte kunt u controleren of de vulling klopt. De gipsplaat komt pas na het inblazen.
Het inblazen zelf
De machine staat vaak buiten, bij het busje. De zakken cellulose worden erin gedaan, de machine maalt de vezels los en blaast ze via een slang naar boven. De machinist werkt met de slang door de openingen in de folie. Hij vult de ruimte van de verste hoek naar de opening toe, zodat er geen luchtzakken ontstaan.
Het gaat om dichtheid. Te los ingeblazen cellulose kan in de loop van de tijd inklinken, en dan ontstaat er bovenin een laag zonder isolatie. Ingeblazen onder druk, tot het compartiment vol en iets voorgespannen is, blijft het op zijn plek. De fabrikant geeft per product aan welke dichtheid daarvoor nodig is, en een vakman rekent terug: hoeveel zakken moeten er in een ruimte van deze inhoud. Wijkt het verbruik af van wat het zou moeten zijn, dan is er ergens een holte of een lek. Meer over dat zakkingsrisico staat in de nadelen van cellulose, eerlijk op een rij.
De controle: weten dat het vol zit
Een ruimte die u niet kunt zien, controleert u op andere manieren, bij voorkeur op wat meetbaar is en niet op het gevoel.
- Verbruik per compartiment. Het aantal zakken dat in een ruimte gaat, vergelijken we met de inhoud van die ruimte.
- Voelen aan de folie. Een goed gevuld vlak is stevig en gespannen. Waar de vulling ontbreekt geeft de folie mee en voelt het hol.
- Laatste opening. Pas als de cellulose bij de laatste opening tegen de slang drukt, is de ruimte vol.
Na het inblazen: afwerken
Daarna worden de openingen in de folie dichtgeplakt, gaat de gipsplaat eronder en wordt het hele plafond luchtdicht gestuct. Dat stucwerk is geen cosmetisch laagje. Het is de laatste luchtdichte laag, en bepaalt mee of er warme binnenlucht in de constructie komt. Daarna volgt het schilderwerk, zodat u een strak wit plafond terugkrijgt in plaats van een bouwplaats. Alles wordt door dezelfde ploeg gedaan.
Hoe dik wordt het
Wij blazen standaard 16 cm in. Met de EasyCell die wij gebruiken geeft dat een Rd van 4,21 voor de isolatielaag zelf. Voor andere diktes en de bijbehorende waarden zie hoeveel cm isolatie in uw plafond. Het plafond komt door de opbouw iets lager te hangen dan nu. Hoeveel precies, leggen we bij de opname vast.
Hoe lang duurt het
Het inblazen zelf is een kwestie van uren per ruimte, geen dagen. Het hele traject, van regelwerk en folie tot stucwerk en verf, duurt bij ons meestal één tot twee dagen per woning. De stuc- en verflaag moeten daarna nog drogen, en dat gebeurt in uw kamer, terwijl u er gewoon weer in kunt. De precieze planning hangt af van de oppervlakte, de hoogte en het aantal ruimtes, en bespreken we voor de start. Hoe ons werk is opgebouwd, ziet u op de pagina werkwijze.
Wat u merkt van de machine
Geluid: een blaasmachine is niet stil, maar het is kort. Stof: dat blijft beperkt omdat de ruimte is afgesloten. Wel zien we dat er altijd iets fijns achterblijft in de kamer, en daarom wordt er na afloop schoongemaakt. U hoeft niet weg te blijven, maar het is geen rustige dag in huis, en gevoelige huisdieren zijn elders beter af.
Waarom het geen doe-het-zelfklus is
Een blaasmachine is te huren, maar de kennis van dichtheid, compartimenten en afwerking niet. Wie zelf inblaast zonder gesloten ruimte, ziet niet of het vol zit, en dat is de reden dat dit werk bij een vakman hoort. Wat zelf wél kan en wat niet, leest u in zelf een dak isoleren of laten doen. Meer over het materiaal vindt u op cellulose-isolatie, en een vaste prijs voor uw plafond vraagt u aan via de aanvraag.